Digitale soevereiniteit krijgt pas betekenis wanneer organisaties zelf keuzes maken over data, software, infrastructuur en leveranciers. Novatore laat zien hoe zo’n keuze er in de praktijk uitziet. Het bedrijf migreerde naar een digitale werkomgeving met onder meer Nextcloud, Zimbra, OnlyOffice en Collabora Online, gehost in Nederland. Daarmee verschuift digitale autonomie van beleidsambitie naar dagelijkse bedrijfsvoering.
De stap van Novatore is interessant omdat de organisatie niet simpelweg een nieuwe softwareomgeving invoert. Volgens eigenaar Jan Ploeg ging aan de migratie een risicoanalyse vooraf, waarna strategische keuzes, prioriteiten en een partnerselectie volgden. De omgeving wordt gehost door The Good Cloud en de organisatie gebruikt voornamelijk opensourcecomponenten. Daarmee probeert Novatore meer grip te krijgen op data, afhankelijkheden en de continuïteit van zijn digitale werkplek.
Meer dan locatie
Data in Nederland opslaan is echter niet automatisch hetzelfde als digitale soevereiniteit. Dat onderscheid wordt steeds belangrijker. De Europese Commissie definieert technologische soevereiniteit als het vermogen om belangrijke technologie, data en infrastructuur te ontwikkelen en te controleren, terwijl afhankelijkheden van aanbieders buiten de EU worden verminderd.
Europese datalokatie vormt het laagste niveau
Ook de nieuwe Europese Cloud and AI Development Act maakt duidelijk dat soevereiniteit meerdere lagen kent. Alleen Europese datalokatie vormt het laagste niveau. Hogere niveaus kijken onder meer naar onafhankelijkheid van derde landen, eigendom, controle en transparantie van de softwaretoeleveringsketen. Dat maakt de keuze van een hostingpartner relevant, maar zeker niet voldoende.
Open source
Juist daar krijgt de keuze voor opensourcecomponenten extra betekenis. De Europese Commissie positioneert open source inmiddels expliciet als onderdeel van haar strategie voor technologische soevereiniteit. Open source kan afhankelijkheid van gesloten ecosystemen verminderen, lock-in beperken en organisaties meer controle geven over digitale bouwstenen.
Dat betekent niet dat open source vanzelf veilig, onafhankelijk of toekomstbestendig is. Ook opensourceoplossingen hebben onderhoud, expertise, governance en een betrouwbare keten nodig. De Europese benadering onderstreept daarom niet alleen het belang van software, maar van ecosystemen en duurzame ondersteuning.
Nederlandse praktijk
Jan Ploeg [foto: LinkedIn]
De ontwikkeling bij Novatore staat bovendien niet op zichzelf. In juli 2026 scherpte de Nederlandse overheid het Rijkscloudbeleid aan. Rijksorganisaties moeten nadrukkelijker rekening houden met geopolitieke risico’s en afhankelijkheid van leveranciers. Voor kritieke organisaties raadt het kabinet diensten van aanbieders die onder wetgeving buiten de EU of EER vallen voor kerntaken af. Voor e-mail en documentbeheer raadt het publieke clouddiensten zelfs helemaal af.
Ook de Europese Data Protection Supervisor experimenteerde met Nextcloud en Collabora Online als alternatief voor grootschalige cloudplatforms. De organisatie koppelde die keuze expliciet aan controle over persoonsgegevens en digitale soevereiniteit.
Eigen keuzes
De belangrijkste les uit de casus van Novatore zit daarom niet in Nextcloud, Zimbra of een specifieke hostingpartij. De waarde zit in het proces. Eerst risico’s beoordelen, daarna strategische kaders bepalen en vervolgens technologie en partners kiezen. Dat maakt digitale soevereiniteit bestuurbaar.
Digitale soevereiniteit begint bij het vermogen om zelf bewuste keuzes te maken
Voor organisaties betekent dit een andere manier van kijken naar de digitale werkplek. Niet alleen vragen welke oplossing het meest gebruiksvriendelijk is, maar ook wie data beheert, wie software controleert, hoe afhankelijkheden ontstaan en hoe eenvoudig een organisatie kan overstappen. Digitale soevereiniteit begint daarmee niet bij technologie. Ze begint bij het vermogen om zelf bewuste keuzes te maken.
Novatore migreert naar in Nederland gehoste werkomgeving
Digitale soevereiniteit begint bij eigen keuzes
Digitale soevereiniteit krijgt pas betekenis wanneer organisaties zelf keuzes maken over data, software, infrastructuur en leveranciers. Novatore laat zien hoe zo’n keuze er in de praktijk uitziet. Het bedrijf migreerde naar een digitale werkomgeving met onder meer Nextcloud, Zimbra, OnlyOffice en Collabora Online, gehost in Nederland. Daarmee verschuift digitale autonomie van beleidsambitie naar dagelijkse bedrijfsvoering.
De stap van Novatore is interessant omdat de organisatie niet simpelweg een nieuwe softwareomgeving invoert. Volgens eigenaar Jan Ploeg ging aan de migratie een risicoanalyse vooraf, waarna strategische keuzes, prioriteiten en een partnerselectie volgden. De omgeving wordt gehost door The Good Cloud en de organisatie gebruikt voornamelijk opensourcecomponenten. Daarmee probeert Novatore meer grip te krijgen op data, afhankelijkheden en de continuïteit van zijn digitale werkplek.
Meer dan locatie
Data in Nederland opslaan is echter niet automatisch hetzelfde als digitale soevereiniteit. Dat onderscheid wordt steeds belangrijker. De Europese Commissie definieert technologische soevereiniteit als het vermogen om belangrijke technologie, data en infrastructuur te ontwikkelen en te controleren, terwijl afhankelijkheden van aanbieders buiten de EU worden verminderd.
Ook de nieuwe Europese Cloud and AI Development Act maakt duidelijk dat soevereiniteit meerdere lagen kent. Alleen Europese datalokatie vormt het laagste niveau. Hogere niveaus kijken onder meer naar onafhankelijkheid van derde landen, eigendom, controle en transparantie van de softwaretoeleveringsketen. Dat maakt de keuze van een hostingpartner relevant, maar zeker niet voldoende.
Open source
Juist daar krijgt de keuze voor opensourcecomponenten extra betekenis. De Europese Commissie positioneert open source inmiddels expliciet als onderdeel van haar strategie voor technologische soevereiniteit. Open source kan afhankelijkheid van gesloten ecosystemen verminderen, lock-in beperken en organisaties meer controle geven over digitale bouwstenen.
Dat betekent niet dat open source vanzelf veilig, onafhankelijk of toekomstbestendig is. Ook opensourceoplossingen hebben onderhoud, expertise, governance en een betrouwbare keten nodig. De Europese benadering onderstreept daarom niet alleen het belang van software, maar van ecosystemen en duurzame ondersteuning.
Nederlandse praktijk
De ontwikkeling bij Novatore staat bovendien niet op zichzelf. In juli 2026 scherpte de Nederlandse overheid het Rijkscloudbeleid aan. Rijksorganisaties moeten nadrukkelijker rekening houden met geopolitieke risico’s en afhankelijkheid van leveranciers. Voor kritieke organisaties raadt het kabinet diensten van aanbieders die onder wetgeving buiten de EU of EER vallen voor kerntaken af. Voor e-mail en documentbeheer raadt het publieke clouddiensten zelfs helemaal af.
Ook de Europese Data Protection Supervisor experimenteerde met Nextcloud en Collabora Online als alternatief voor grootschalige cloudplatforms. De organisatie koppelde die keuze expliciet aan controle over persoonsgegevens en digitale soevereiniteit.
Eigen keuzes
De belangrijkste les uit de casus van Novatore zit daarom niet in Nextcloud, Zimbra of een specifieke hostingpartij. De waarde zit in het proces. Eerst risico’s beoordelen, daarna strategische kaders bepalen en vervolgens technologie en partners kiezen. Dat maakt digitale soevereiniteit bestuurbaar.
Voor organisaties betekent dit een andere manier van kijken naar de digitale werkplek. Niet alleen vragen welke oplossing het meest gebruiksvriendelijk is, maar ook wie data beheert, wie software controleert, hoe afhankelijkheden ontstaan en hoe eenvoudig een organisatie kan overstappen. Digitale soevereiniteit begint daarmee niet bij technologie. Ze begint bij het vermogen om zelf bewuste keuzes te maken.